Op de warme zomermiddag staar ik lui naar een stapel stenen. Tussen de stenen kruipt een kleine hagedis tevoorschijn. De oeroude dinosaurus in mini-formaat gaat stilletjes naast me op de warme steen liggen. Dan laat hij zich opwarmen door de zon.Even later komt er een voetganger voorbij. Nog voordat er concreet gevaar is, schiet de hagedis in een reflex weg tussen de stenen. Als de hagedis is weggeschoten, peins ik verder. Voor de hagedis is de voetganger een gevaar. Hij schiet weg. Ik zie de onschuldige wandelaar en kan lekker in de zon blijven liggen. De oorzaak van dit verschil? Ons brein. De hagedis leeft in twee standen: ‘relaxen-in-de-zon’ of ‘wegschieten’. Voor mijn brein zijn er veel meer standen zoals luieren, reflecteren, recreatief hardlopen of wegvluchten. Ik kan reflecteren op wat er gebeurt en zo de beste keus maken: lekker blijven liggen in de zon. Waarom is dit verschil in brein belangrijk?
Lees meer



