Het is een donkere avond in februari. Samen met m’n man zit ik voor de televisie. We kunnen dan nog niet vermoeden dat het programma dat we dadelijk gaan kijken, de sluitingsceremonie van de Olympische Spelen, een groot gevolg zal hebben voor ons hele gezin. Samen kijken we naar de muziek, de terugblik op de Spelen in Vancouver en het vuurwerk van de ceremonie. Tegen het einde van het programma zeg ik terloops: “Daar zou ik nog wel eens naar toe willen met vakantie, naar Canada”. Een zin met verstrekkende gevolgen.
Business coach tips – Voor ZZP en ondernemer
Zo organiseer je een event met Twitter
Let op: dit is een blogpost uit het archief, dit event is inmiddels voorbij. Hier kun je alles over het event New Games New Rules lezen.
Het is een warme maandagmiddag in maart. Na de lunch zit ik met een kop koffie in de zon. Ik mijmer wat over een event over sociale media dat ik met een netwerkclub zou organiseren, maar waar maar geen vaart in wil komen. Uit ballorigheid verstuur ik een twitterberichtje tussen twee slokken koffie door: “Ik heb zin om dit voorjaar een event te organiseren: ‘Social media in marktonderzoek’. Wie helpt er mee?” Ik kon toen nog niet vermoeden wat ik met die ene tweet over me af ging roepen…
Er kan er maar een de beste zijn, of niet?
Op negenjarige leeftijd begon mijn sportleven bij de plaatselijke voetbalclub. Jarenlang speelde ik fanatiek om wedstrijden te winnen en dat resultaat bepaalde voor een deel hoe leuk ik het sporten vond. Toen ik een baan kreeg met werktijden in de avonduren stopte ik met voetballen en ging hardlopen. Toen ging ik op een heel andere manier tegen winnen aankijken.
De wedstrijd tegen mezelf
Bij het hardlopen leerde ik al snel dat het winnen van een wedstrijd onmogelijk was. Zelfs de snelste lopers van mijn club wonnen nooit; ze werden verslagen door landelijke of internationale toppers. De grote tegenstander bij hardloopwedstrijden werd dan ook niet de ander, maar ikzelf. Elke wedstrijd probeerde ik een PR te lopen en m’n eigen oude tijden te verbeteren. De eerste jaren was dat leuk en motiverend, maar op een gegeven moment was de lol er af. M’n PR’s waren zo scherp gezet, dat alles mee moest zitten om mezelf te verrbeteren: optimale trainingsomstandigheden, maar vooral ook perfect weer. Regende het te hard, of stond de wind in een verkeerde hoek? Dan was de wedstrijd al bij voorbaat verloren. Frustrerend! Toen leerde ik dat het ook anders kan.
Lees meer
Durf jij aan je moeder te verkopen? Of waarom de moeder-proef helpt om klantgericht te werken
Afgelopen maandag publiceerde ik het rapport ‘Sociale media aan het werk‘, dat vertelt hoe professionals sociale media in hun werk gebruiken. Stomverbaasd keek ik een paar uur later naar de lijst met downloaders. Wat zag ik daar? M’n moeder (van 73 jaar) stond er tussen! Toen ik doorbladerde kwam ik ook m’n 11-jarige zoontje tegen. En net zag ik ook m’n nicht uit Twente tussen de geïnteresseerden. M’n eerste gevoel daarbij is altijd wat vreemd. Het voelt toch als een rare mengeling van privé en werk als je moeder en zoon zich tussen je klanten mengen. Maar het zette me ook aan het denken. Toen besefte ik plots: het is juist heel belangrijk en het zou veel meer moeten gebeuren! Waarom is het essentieel om je moeder als klant te zien?
Lees meer
Straks wordt alles weer gewoon
Het is een regenachtige zaterdagmiddag. M’n ene zoontje ligt te slapen, de ander is bij een vriendje. En ik? Ik heb tijd om aan m’n website te sleutelen. Ik ben geïnspireerd door een mooie blog, die ik als voorbeeld voor m’n eigen site wil gebruiken. Zo moeilijk kan het toch niet zijn om mijn layout wat aan te passen? Ik log in op m’n site en ga uitproberen. Al snel heb ik gevonden hoe ik de kleur van lettertype kan aanpassen. Dat oogt al een stuk beter! Na de eenvoudige wijzigingen krijg ik de smaak te pakken. Ik probeer steeds ingewikkelder zaken. Dat gaat heel aardig, totdat ik een dramatische ontdekking doe: m’n website is helemaal uit de lucht! M’n klanten zien niets meer en ik kan niet meer inloggen en de fouten ongedaan maken! Wat nu?
Lees meer
Hoe hoog kun jij springen?
Soms heeft een held een tragische bijsmaak. Zoals Sergei Bubka. Tussen 184 en 1994 was hij de absolute heerser met de polsstok. Geen mens kon hoger springen dan hij. Vanwege z’n kracht en techniek kon hij de stok hoger vastgrijpen dan concurrenten en een zwaardere stok gebruiken.
Toch heeft Bubka ook een tragische kant. Dankzij zijn talent wist hij meer dan dertig maal het wereldrecord te verbreken. Dat deed hij heel strategisch steeds met 1 centimeter, zodat hij bij elk event de prijzenpot incasseerde voor een nieuw wereldrecord. Maar bij al die events was er geen concurrent die hem het leven echt zuur kon maken. Zelfden hoefde hij tot het echte maximum te gaan. Had hij sterke concurrentie gehad, dan was hij nog meer gedreven om het maximale uit zichzelf te halen. Misschien was zijn laatste record dan geen 6.14 meter geweest, maar veel hoger. We zullen nooit weten hoe hoog Sergei Bubka echt kon springen. Hoe goed hij was, heeft hij de wereld nooit echt laten zien. Dat is tragisch voor zo’n groot kampioen.
Over niet bereiken van z’n perfecte sprong zegt hij zelf:
“My jump was imperfect, my run-in was too short and my hands were too far back at takeoff. When I manage to iron out these faults, I am sure I can improve.” (Bubka in een interview na zijn wereldrecord van 6.10m).
Organisaties springen niet hoog genoeg
In veel organisaties zie ik hetzelfde probleem. Ze doen net genoeg ‘om over de lat te komen’ en hun dominantie in stand te houden. Ze doen genoeg om er mee weg te komen, maar vanwege te weinig concurrentie worden ze nooit geprikkeld om het beste uit henzelf te halen. Telecomproviders met onderlinge (stille) prijsafspraken, grote adviesbureau’s die elkaar de bal toespelen, of overheidsorganisaties zonder concurrent: te vaak geldt in zo’n omgeving dat mensen zich gaan gedragen als Sergei Bubka. Ze werken hard, daar niet van, maar ze worden nooit echt geprikkeld om de grens op te zoeken. Om hun prestaties echt fundamenteel te wijzigen, om een radicale nieuwe manier van werken te zoeken. Ze worden niet geprikkeld om te laten zien wat ze écht kunnen.
Je springt hoger met een sterke concurrent
Dat is jammer, want zo’n organisatie verdient beter. En wij ook. De wereld wordt mooier als je gaat voor het maximaal haalbare. Je nek uitsteekt, de randen opzoekt van wat haalbaar is. Van nature zijn we allemaal een beetje lui, gemakkelijk. De grenzen opzoeken lukt beter als er iemand is die je prikkelt. Een concurrent die je het leven zuur maakt, die je opjut om het steeds net wat beter te doen. Pas dan leer je je grens kennen. Pas dan wordt je zo inventief dat je over je eigen grenzen gaat.
Hoe hoog kun jij springen?
Wil je echt het beste van jezelf laten zien? Wil je echt klantgericht werken? Dan zit er maar één ding op: stop met lobbyen bij de politiek, stop met stille afspraken met concurrentie en ga aan de slag. Koester je concurrent en laat je prikkelen om het maximale uit jezelf te halen. Laat de wereld zien hoe hoog jij echt kunt springen!
